Inleiding

Hoofdstuk 15 Bal kent een uitzondering voor contact tussen mens en dier. Deze uitzondering heeft wel tot enige commotie geleid. Begrijpelijk, want in hoofdstuk 15 Bal draait alles om hygiëne en veiligheid. Ik kan mij zo voorstellen dat juist het contact tussen mens en dier hygiëne-vragen oproept. Wanneer dat contact buiten het Bal valt, dan kun je je afvragen of de uitzondering wel zo gelukkig is. Alle aanleiding dus om maar eens snel te kijken naar het hoe en waarom van deze uitzondering.

Leeswijzer

Eerst zal ik de wettekst aanhalen waarin de uitzondering is opgenomen. In de wettekst komt het woordje ‘bedoeld’ voor. Dat ene woordje dwingt ons om de uitzondering te nuanceren. Toch geeft de nuancering geen bevredigende uitleg aan de uitzondering. Immers, bij de nuancering zijn vele kanttekeningen te plaatsen. Door die kanttekeningen blijft ‘het grote waarom van de uitzondering’ in duistere nevelen gehuld. Dit blog-artikel sluit af met een conclusie en de aankondiging van een nieuw blog-artikel.

Tekst Bal

De uitzondering over het contact met dieren staat in artikel 15.1, tweede lid, onderdeel d, Bal. Dat onderdeel luidt als volgt:
“Dit hoofdstuk gaat niet over het gelegenheid bieden tot zwemmen of baden in een badwaterbassin dat is bedoeld voor contact tussen mens en dier.

Laten we deze tekst eens wat nader bezien.

Nuancering: ‘bedoeld’

Zoals gezegd, heeft de uitzondering voor contact met dieren tot enige commotie geleid. Hoe kun je nu in vredesnaam contact tussen mens en dier buiten de regelgeving houden? Regelgeving waarin nota bene hygiëne centraal staat.

De vraag is of deze commotie terecht is. Want in de wettekst komt een woordje voor dat alle aandacht opeist. Dat is het woordje ‘bedoeld’. Alleen als het contact tussen mens en dier ‘bedoeld’ is, is hoofdstuk 15 Bal niet van toepassing. Is een dergelijk contact niet bedoeld, dan geldt hoofdstuk 15 wel.

We moeten daarom wat langer stilstaan bij het woordje ‘bedoeld’. Kunnen we met dat ene woordje de uitzondering begrijpen?

Contact tussen mens en dier bedoeld

Alleen als contact tussen mens en dier bedoeld is, mist hoofdstuk 15 Bal toepassing. Wanneer is een dergelijk contact ‘bedoeld’? Dat is als het contact met dieren ‘de hoofdzaak’ is, zegt de wetgever in de Nota van Toelichting.

Als voorbeeld noemt de wetgever fish spa’s. Fish spa’s zijn bassins waarin vissen zwemmen. De bedoeling is dat die vissen aan de ledematen knabbelen. Een ander voorbeeld van ‘bedoeld contact’ is een bassin waarin je met dolfijnen kunt zwemmen. Fish spa’s en dolfijnen-bassins vallen niet onder hoofdstuk 15 Bal.

Dit betekent trouwens niet dat voor fish spa’s en dolfijnen-bassins geen regelgeving geldt. Volgens de wetgever kan de hygiëne van dergelijke bassins prima geregeld worden met de Wet publieke gezondheid. De uitvoering van die wet is in handen van de gemeenten.

Contact tussen mens en dier niet bedoeld

Zwemvijvers

Gevallen waarin contact met dieren niet is bedoeld, vallen wel onder hoofdstuk 15 Bal. Denk bijvoorbeeld aan zwemvijvers. Het Bal kent regels die specifiek gelden voor zwemvijvers. Op de zwemvijver zal ik later ingaan.

Doordenkertje

Nu een doordenkertje. Stel, een badwaterbassin is primair bedoeld voor zwemmen of baden. Tot nu toe niks bijzonders aan de hand. Maar dan. Wat doet de beheerder? De beheerder zet in dat bassin een enkele vis uit. Dat maakt contact mogelijk tussen mens en dier. Valt dit bassin onder de uitzondering? Of is hoofdstuk 15 Bal toch gewoon van toepassing? Ik zou menen dat dit laatste het geval is. Immers, de primaire bedoeling van het badwaterbassin blijft na het uitzetten van de enkele vis volledig overeind. Ook al is contact mogelijk tussen mens en dier, dat contact is niet de hoofdzaak. Daarin verschilt dit bassin met de fish spa.

Aardig is nog om te lezen wat de wetgever hierbij schrijft. In de Nota van Toelichting zegt de wetgever: “(…), en kan dus ook niet worden gebruikt om onder de regels van dit besluit uit te komen.” De wetgever geeft hier nadrukkelijk een boodschap mee. De boodschap is dat je niet zomaar onder hoofdstuk 15 Bal kunt uitkomen door simpelweg een vis uit te zetten. Die ‘truc’ werkt niet, zegt de wetgever.

Eenden en zwanen

Contact met eenden en zwanen staat geheel los van de uitzondering. Dergelijk contact valt om andere redenen buiten het Bal. Ik geef twee voorbeelden.

Eenden en zwanen bevinden zich vaak in oppervlaktewateren, zoals meren en vijvers. Mogelijk zijn dat soort oppervlaktewateren aangewezen als locatie waar je kunt zwemmen. Zwemlocaties vallen sowieso buiten het Bal. Op zwemlocaties is het Besluit kwaliteit leefomgeving van toepassing.

Eenden en zwanen komen ook voor in bijvoorbeeld vijvers in stadsparken. Vijvers in stadsparken zijn bedoeld als stadsverfraaiing, maar niet om daarin te zwemmen of te baden. Vijvers in stadsparken vallen daarom buiten het Bal.

Een eend kan natuurlijk onverhoopt landen in een zwemvijver. Dan is het een ander verhaal. Zwemvijvers vallen sowieso onder het Bal. Dat in de zwemvijver een eend zit, maakt voor de toepasselijkheid van hoofdstuk 15 niet uit. ‘De uitzondering heeft geen betrekking op situaties waarin een enkel dier in het waterbassin aanwezig zou zijn’, zegt de wetgever in de Nota van Toelichting. Dus ook als een hond in een badwaterbassin springt, is het Bal gewoon van toepassing.

Kanttekeningen

Op zich is de nuancering wel te volgen. Toch is het de vraag of daarmee de uitzondering op een bevredigende manier is uitgelegd. Ik weet het niet. Bij de nuancering lijken mij namelijk de nodige kanttekeningen te plaatsen. Ik noem er vijf. Allereerst: de vaststelling van bedoelingen. De tweede kanttekening hangt samen met hygiëne. Een derde punt gaat over de toepasselijkheid van verschillende wetten. Met dat punt hangt samen een vierde kanttekening over extra drukte op het bestuurlijke en maatschappelijke speelveld. De laatste kanttekening is misschien nog wel het meest sprekende. Die betreft een stukje voorgeschiedenis in het wetgevingsproces. Ik zal deze kanttekeningen toelichten.

Vaststelling bedoelingen

Hoofdstuk 15 Bal is niet van toepassing als het contact met dieren is bedoeld. De vraag is: hoe stel je die bedoeling vast? Dit is best nog een lastige. Er zijn rechtsgebieden – buiten de zwemwater-regelgeving – die bedoelingen willen vaststellen aan de hand van verklaringen, gedragingen en ‘andere feiten en omstandigheden’. Alles draait dan om interpretatie en uitleg. Werkt dat ook voor hoofdstuk 15 Bal? Moeten we ook daar bedoelingen gaan ‘interpreteren’?

Maar waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan. Kunnen we bedoelingen niet gewoon vaststellen door ons vast te klampen aan de voorbeelden die de wetgever noemt? Zo van: ‘De wetgever noemt de fish spa als voorbeeld waarin contact met dieren is bedoeld. Dit is een fish spa. Dus is het Bal niet van toepassing. Klaar.’ De charme van deze redenering is de eenvoud. En eenvoud biedt de minste weerstand.

Maar werkt deze strategie ook in het voorbeeld van het uitzetten van die enkele vis? Wie zegt dat de beheerder niet de bedoeling heeft gehad om contact te maken tussen mens en dier? Maar waar blijkt dat dan uit?

De wetgever laat zich over de wijze van vaststelling van bedoelingen niet uit. Het enige aanknopingspunt is dat het contact met dieren ‘de hoofdzaak’ is. Maar ja…, zijn we er dan?

Waarom stoei ik hier zo mee? Omdat ergens een grens moet liggen. Maar waar ligt die grens dan? Wanneer kun je overtuigend zeggen: ‘Bij dit contact met dieren is het Bal niet van toepassing. Maar bij dat contact is het Bal wel van toepassing.’? Met de bedoeling als criterium kom ik er niet uit. Laten we hopen dat dit punt in de praktijk niet vaak speelt. En als het speelt, moet de rechter hier maar iets van vinden. Jurisprudentie zie ik vol verwachting tegemoet.

Hygiëne

De tweede kanttekening hangt samen met hygiëne. Op zijn minst suggereert de wetgever dat bij bedoeld contact met dieren de hygiëne-vragen anders zijn dan wanneer het contact niet bedoeld is.

Maar is dat zo? Zou de hygiëne bij fish spa’s werkelijk anders zijn dan bij zwemvijvers? Maakt het voor de hygiëne verschil of je te maken hebt met een dolfijnen-bassin of met een bassin waarin een vis wordt uitgezet? Of is het hygiëne-vraagstuk in al deze gevallen hetzelfde en maakt het dus principieel niet uit of het contact met dieren wel of niet bedoeld is? Maar als dát zo is, waarom dan überhaupt de uitzondering gemaakt?

Nu moet ik haastig bekennen dat ik geen hygiëne-deskundige ben. Een techneut kan hier zeker meer zinnigs over zeggen en een verlossend woord spreken.

Wetgeving

Mijn derde kanttekening gaat over de toepasselijkheid van verschillende wetten. Door onderscheid te maken naar bedoeling komen er ineens meerdere wetten in beeld. Soms is dat het Bal, soms is dat de Wet publieke gezondheid. Nogal verwarrend. Afgezien daarvan, waarom moet er ineens een andere wet gaan gelden? Kan het Bal dan geen antwoord geven op hygiëne-vragen, ook al is het contact met dieren bedoeld? Is het vraagstuk rond hygiëne bij bedoeld contact werkelijk zo anders dat het Bal daarvoor niet toereikend is? Wat heeft de Wet publieke gezondheid vóór op het Bal dat bij bedoeld contact de hygiëne in betere handen is in de Wet publieke gezondheid dan in het Bal?

Extra drukte op bestuurlijk en maatschappelijk speelveld

Met het vorige punt hangt samen een vierde kanttekening over extra drukte op het bestuurlijke en maatschappelijke speelveld. Bij het Bal zijn met name de zwembaden en de provincies of de omgevingsdiensten de hoofdrolspelers. Met de Wet publieke gezondheid verschijnen er opeens nieuwe hoofdrolspelers op het toneel, namelijk de gemeenten. Op het bestuurlijke en maatschappelijke speelveld is het al zo druk. Door de uitzondering wordt het nog drukker. Dit maakt het er niet gemakkelijker op.

Voorgeschiedenis

Als laatste punt een stukje voorgeschiedenis. Fish spa’s vallen niet onder het Bal. Maar één van de vroege voorlopers van het Bal kende juist regels specifiek voor fish spa’s. Dat was nog in de tijd dat men de zwemwater-regelgeving wilde moderniseren door wijziging van het Besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden. Het Bal was nog niet in beeld. Waarom konden fish spa’s toen wel onder de zwemwater-regelgeving vallen en nu ineens niet meer? Voortschrijdend inzicht, zul je zeggen. Maar stel je nu eens voor dat de wetgever zou hebben vastgehouden aan de keuze van destijds? Zouden al die kanttekeningen dan ook aan de orde zijn geweest?

Waarom contact tussen mens en dier uitgezonderd?

Alle kanttekeningen brengen ons tot misschien wel de belangrijkste vraag: waarom is het contact tussen mens en dier uitgezonderd?

Het eerste lid van artikel 15.1 Bal geeft de criteria voor de toepasselijkheid van hoofdstuk 15 Bal. Vereist is dat sprake is van het gelegenheid bieden tot zwemmen of baden in een badwaterbassin. Bij de fish spa’s en de dolfijnen-bassins staan deze criteria niet ter discussie. Fish spa’s en dolfijnen-bassins zijn badwaterbassins en in beide gevallen is sprake van het gelegenheid bieden tot zwemmen of baden. Dus op basis van de criteria van artikel 15.1, eerste lid, vallen fish spa’s en dolfijnen-bassins onder hoofdstuk 15 Bal.

Waarom zijn fish spa’s en dolfijnen-bassins dan toch uitgezonderd? Die vraag blijft boven de markt zweven. De geschetste voorgeschiedenis versterkt deze vraag alleen maar.

De wetgever geeft hierin totaal geen inzicht. In de Nota van Toelichting staat alleen maar dát het Bal niet van toepassing is als contact met dieren is bedoeld. Maar de wetgever licht niet toe waaróm hij deze keuze heeft gemaakt. Mede gezien de voorgeschiedenis was enige toelichting op de waarom-vraag op zijn plaats geweest.

Conclusie

Contact met dieren is uitgezonderd van hoofdstuk 15 Bal. Althans, als het contact bedoeld is. Dat is het geval bij fish spa’s en dolfijnen-bassins. Hoofdstuk 15 Bal is daarop dus niet van toepassing. Zwemvijvers daarentegen vallen wel onder het Bal. Bij zwemvijvers is het contact met dieren immers niet bedoeld.

De bedoeling is dus bepalend voor de toepasselijkheid van hoofdstuk 15 Bal. Daar ligt de crux van het verhaal. Hier zijn echter vele kanttekeningen bij te plaatsen. Die maken de uitzondering gekunsteld en zeker niet overtuigend.

Fish spa’s en dolfijnen-bassins voldoen aan de criteria voor toepasselijkheid van hoofdstuk 15 Bal. Waarom fish spa’s en dolfijnen-bassins toch zijn uitgezonderd, blijft onduidelijk. Enige toelichting op deze waarom-vraag was wenselijk geweest.

Aankondiging nieuw blog-artikel

In mijn volgende blog-artikel zal ik ingaan op de uitzondering van artikel 15.1, tweede lid, onderdeel e. Het gaat dan over cruiseschepen en botels.